Wie ben ik?

Wie ben ik? Dat is het thema dat we in de parochie St.Lambertus gekozen hebben voor de eerste periode van het jaar. ‘Wie ben ik?’ Dat is een vraag naar identiteit, een vraag naar hoe je gekend wordt: door jezelf, en door anderen. Die vraag, naar wie je bent, naar onze identiteit, is geen gemakkelijke vraag. Maar wel een vraag die ons erg bezig houdt. Er worden boekenkasten vol geschreven over de zoektocht naar onszelf, over goede methoden en manieren om meer onszelf te worden; meer samen te vallen met onszelf en zekerheid te verkrijgen over wie we zijn. Blijkbaar is er ongelooflijk veel onzekerheid over onze identiteit, over de vraag wie je bent, als modern mens. En daar is ook reden voor: in de loop van de geschiedenis heeft zich een beweging voorgedaan waarbij we ons aan de ene kant veel bewuster zijn geworden van ons individuele bestaan en de waarde ervan. Ieder modern mens is een verhaal op zich, beleeft zich in zekere zin als het centrum van de wereld. Alles, heel de geschiedenis, lijkt om zijn of haar persoon te draaien. Maar aan de andere kant zijn we onzekerder dan ooit. Zo leert de wetenschap ons dat we fundamenteel zijn overgeleverd aan economische systemen, die we zelf ontworpen hebben, maar waar we totaal geen grip op lijken te hebben. En terwijl we ons als denkende wezens tegenover en soms boven de natuur wanen, blijken we tegelijkertijd een nogal toevallig product van de evolutie te zijn, en bovendien een erg toevallig product van onze genen. Ook leert de wetenschap ons dat we leven ergens in een uithoek van een uitgestrekt heelal, waarin mogelijk ook andere werelden zijn, met andere levende wezens, die mogelijk heel sterk op ons lijken, maar misschien ook niet. En mochten we nog denken dat we ons leven in de grip hebben, dan blijken we volgens psychologen en neurologen te worden geregeerd door onbewuste krachten en bewegingen, door breinprocessen die maken dat onze beslissingen amper aan ons toe lijken te behoren. De vraag wie ben ik, krijgt zo beschouwd een nogal mager antwoord. Maar moeten we zo wel kijken? Is dat wetenschappelijk perspectief het enige dat telt, als we het hebben over de vraag Wie ik ben? Wie u bent? Wie wij zijn? Mensen leven niet alleen op grond van feiten, maar ook van verhalen. Die verhalen vertellen ons op een andere manier dan wetenschappelijke feiten wie wij zijn. Soms zeggen mensen dat je iemand goed kunt leren kennen door te kijken naar diens vrienden: zeg me, wie uw vrienden zijn, en ik zal u zeggen wie u bent. Hoe dan ook, het evangelie maakt duidelijk dat de betekenis van een mens, niet gezocht moet worden in een blik naar binnen, maar vooral in een blik naar buiten. Wat anderen over jou zeggen, zegt veel meer over wie jij bent, dan wat jij er zelf over zegt. Dat bevestigt een ander idee uit onze geloofstraditie namelijk, dat de betekenis van een mens afgelezen kan worden aan zijn handelen tegenover anderen: de mate waarin jij anderen bevestigt in wie ze zijn, maakt dat jij een betekenis krijgt die groter is dan jijzelf. De werkelijke betekenis van jouw bestaan ligt dus niet diep verborgen in jou zelf, maar in de betekenis die jij draagt voor anderen. De weerspiegeling in de ogen van anderen maakt duidelijk wie jij bent. In hun verhalen word jij meer en meer jezelf. Daarbij dien je je vooral niet af te laten leiden door allerlei machtsfantasieën. Die leiden maar tot vreemde opvattingen over de beheersing van het leven van anderen. Wat voor een armzalig, beklagenswaardig perspectief op het leven moet dat zijn, als je het licht in de ogen van een ander niet langer kunt verdragen. Wie echt mens wil zijn, zoekt niet naar macht, maar ziet om naar de ander. Wie echt mens wil zijn, wil zich laten raken door het evangelie. In al degenen die in hun kwetsbaarheid een appel op ons doen, wordt zichtbaar hoe wij bedoeld zijn. Als een beetje licht voor elkaar. Als een flonkering in het donker. Niet meer, niet minder.