| Heeft u het al gelezen? Het grote nieuws? Ja, het staat in de krant, het is wereldnieuws: Jezus is terug, hier staat het zwart op wit. Mensen koop de krant en lees het verhaal van die Jezus van Nazareth, het graf is leeg. Het zou zomaar dit voorpagina nieuws zijn, als er ruim 2000 jaar geleden een krant was geweest. Jezus is terug, de essentie uit het evangelie: ‘Gaat nu terstond aan zijn leerlingen zeggen: Hij is verrezen uit de doden en Hij gaat u voor naar Galilea, daar zult gij Hem zien’ en op het einde: ‘Gaat aan mijn broeders de boodschap brengen, dat zij naar Galilea moeten gaan. Daar zullen zij Mij zien. Want zij hadden nog niet begrepen, dat hij uit de doden moest opstaan.’ Jezus is dus terug, zoals in de krant staat. Hij is niet definitief verdwenen, zoals iedereen dacht na zijn kruisdood. Maar Maria Magdalena en Petrus hadden geen krant en moesten het doen met wat zij zagen en hoorden via de engel. En ons rest het evangelie. Dat is een Blijde Boodschap voor de leerlingen, die gaandeweg gingen ontdekken, dat Jezus nog aanwezig was in hun midden. Zij zagen Hem overal, waar ze samenkwamen, het brood braken, over Hem vertelden en aan de oever van het meer van Galilea waar hun avontuur met Jesus begonnen was. Het zou voor ons ook een Blijde Boodschap moeten zijn: de steen van ons hart weggerold, geen grafstemming meer, lente en leven, een opsteker dat de dood niet het laatste woord heeft en dat er meer is tussen hemel & aarde. Kern van ons (christelijk) geloof. Maar tegelijk aarzel ik, want als ik om me heen kijk, buiten Engelen & Bokhoven, dan ontwaar ik enkel dood en verdoemenis dat mensen elkaar aandoen en waar zovele onschuldige mensen het slachtoffer worden. Hoe kan ik dan nu een Blijde Boodschap verkondigen? Dan sluit ik toch mijn ogen voor de wrede werkelijkheid! In de tijd van Jezus was er de overheersing van de Romeinen, het Joodse volk was niet vrij. Dan was er ook nog een despoot Herodes, omringd door schriftgeleerden wier wil wet was. Jezus zette de wereld in beweging en liet zien, dat met liefde en mededogen mensen bevrijd werden uit angst en dat God, die Jezus zijn Vader noemde een barmhartige God was. Die Blijde Boodschap was zo sterk, dat ie niet klein te krijgen was; de Geest van Jezus van Nazareth zette mensen in beweging en ondanks de dood aan het kruis, bleef Jezus levend in hun midden. Zij herkenden Hem in hun midden telkens als zij bij elkaar kwamen. Ze vertelden en vertelden en schreven zijn woorden en daden op en zo bleef hij de levende in hun midden. Dat doet mij denken aan het volgende verhaal: Er was eens een kind dat op een avond thuis zat, toen plotseling het licht uitviel. Eerst dacht het dat het alléén in hun huis was. Maar toen het uit het raam keek, zag het dat het hele dorp in het donker lag. Geen straatlantaarns, geen licht achter ramen, alles was stil en zwart. Het kind voelde zich klein in dat grote donker. Het riep naar zijn ouders, maar die waren ergens anders in huis bezig en wisten ook niet meteen wat ze moesten doen. Even was er alleen maar onzekerheid. Toen herinnerde het kind zich iets. In een kast lag een kaars. Het zocht, vond de kaars en een doosje lucifers, en met een beetje moeite stak het de kaars aan. Een warm, zacht licht vulde de kamer. De schaduwen trokken zich een beetje terug. Het kind liep naar het raam en zette de kaars op de vensterbank. “Misschien helpt het,” dacht het, zonder precies te weten waarom. Buiten bleef het eerst donker. Maar na een tijdje gebeurde er iets. Aan de overkant verscheen een klein lichtje. Iemand anders had ook een kaars aangestoken en voor het raam gezet. En toen nog één. En nog één. Langzaam, huis voor huis, begon het dorp op te lichten. Niet fel zoals elektriciteit, maar warm en levend, alsof het dorp weer ademhaalde. Mensen zagen elkaars licht en voelden zich minder alleen. Wat begon met één kind en één kaars, werd een zee van kleine vlammetjes. En hoewel het nog steeds nacht was, voelde het niet meer donker. Zo ging het ook met Pasen. Jezus was het Licht. Hij sprak over liefde, vergeving en vrede. Hij deed niets anders dan mensen hoop geven. Jezus vroeg iedereen naderbij te komen, en juist Hij werd onschuldig veroordeeld en vermoord. Verraden door vrienden en in de steek gelaten op momenten, dat Hij het hun steun en nabijheid het hardst nodig had. En nu leek het Licht na de kruisdood gedoofd. Er was alleen maar verdriet, verwarring, radeloosheid en de toekomst leek duister. Hij eindigde alleen, in een graf. Maar Pasen is een verhaal met een verrassende afloop: volgens het evangelie is dit namelijk niet het einde, maar Jezus staat op uit de dood. Het is een duidelijke boodschap, want dat lege graf blijft een krachtig symbool en zegt: geen enkele breuk is voorgoed, geen fout te groot, geen einde definitief. Alsof God juist daar waar wij mensen denken, dat het ophoudt, laat zien dat er toch iets nieuws begint. Het is een uitnodiging om uit je schulp te kruipen, om op te staan, om angst voor het leven en angst van de dood los te laten, om schuldgevoel en schaamte niet langer de baast te laten zijn. Om weer echt verbinding te maken, met jezelf, met anderen en met God. Pasen zegt: je kunt opnieuw beginnen. Want het vuur werkt aanstekelijk, zoals het kind in het verhaal voorhoudt. Hun Heer was toch voelbaar aanwezig. En de leerlingen gaven het vuur door: het werd Pinksteren, niet te stuiten! Wat begon met de geboorte van het Kerstkind als het Licht der wereld, werd groter en groter en bleek niet uit te doven. De leerlingen namen de fakkel over en de Boodschap van Jesus verspreidde zich over heel de wereld. En nu zijn wij aan de beurt. We zijn als dat kleine lichtje, dat machteloos staat ten opzichte van zoveel agressie en pijn in de wereld, maar samen staan we sterk. Hoewel het nog steeds donker is buiten (zoals bij het kind) en de oorlogen woeden, mogen we toch geloven dat dit niet het einde is. Laten we dus elkaar vasthouden, elkaar bevestigen in het goede, in de idealen, de normen en waarden, in ons geloof dat ons is overgeleverd en dat wijzelf gestalte geven. Laten we zo lichtjes zijn in deze sombere tijd. Dan vormen we toch een tegenwicht en stellen wij Jezus present als de levende in ons midden. Amen |